h1

Over een doctoraat. Mijn doctoraat.

13 januari 2014

Onderstaande blogpost schreef ik op 14 juli 2013. Toch durfde ik hem niet publiceren. Je weet maar nooit. Nu echter, nu mag en kan ik schrijven wat ik wil. Of nee, het heeft zelfs niets met mogen en kunnen te maken. Nu zàl ik schrijven wat ik wil. Bij deze.

Over één van de dieptepunten van 2013 – en de jaren daarvoor.

Toen ik een aantal jaar geleden besloot voor een doctoraat te gaan, volgde ik mijn hart. Eén van mijn dromen kwam in vervulling. Ik heb er hard voor moeten knokken, voor die doctoraatsplaats, en ik heb mezelf ettelijke malen moeten bewijzen, maar ik heb hem gekregen. Ik herinner me de dag waarop ik naar mama belde ‘Mama! Mama! Ik mag er beginnen! Ja, ik mag er echt beginnen!’ nog als gisteren.

Tuurlijk droomde ik van dat doctoraat. Ik ben altijd al een dromer geweest. Ik droomde van hard werken, veel stress. Van collaboraties en afwisseling. Ik droomde dat ik nachtenlang thuis zat te studeren en te schrijven. Dat ik uren en uren en uren in het labo zat, midden in de nacht naar huis fietste en me daar afgepeigerd op bed gooide. Ik droomde van labomeetings, van kleine en grote congressen. Van mooie presentaties, mensen die geïnteresseerd luisteren en in discussie gaan. Ik droomde van vele artikels waar mijn naam op prijkte. Ik droomde van mooie resultaten en voldoening. Ik droomde van prijzen voor jonge onderzoekers. Ik droomde veel.

Ik weet dat het er zelden of nooit zo aan toe gaat in een doctoraat. Maar toch.

Ik droomde ook van kleinere dingen. Collega’s die vrienden werden. Van laboweekendjes, inside jokes, muziek, lachen op de werkvloer. Samenhorigheidsgevoel. Vrienden voor het leven. Samen werken, samen knokken.

Teleurgesteld.

Collega’s die ruzie maken, die elkaar (èn mij) op de zenuwen werken. Een algemeen heersend  ‘Je m’en foux’-gevoel en ‘ikke ni zenne’ dat net iets te hoog ligt. Nonchalance. Je co-promotor die eens cynisch lacht als je het woord ‘efficiëntie’ in de mond neemt. Slechts als het echt echt echt echt nodig is een presentatie moeten/mogen geven. Ongeïnteresseerdheid, niemand die luistert. Heel af en toe een kritische opmerking en een cynische blik. Collega’s die er een sport van maken zo weinig mogelijk uren in een dag te presteren. Mijn naam die absoluut niets betekent in deze grote wetenschappelijke wereld. Opkijken naar grote onderzoekers, maar ze zien je niet eens staan, laat staan dat ze ooit al van je labo gehoord hebben.

Elke ochtend met lood in de schoenen naar je werk vertrekken, elke avond uitgeput thuis komen. Soms fysiek, meestal mentaal. Elke zondagavond tranen in de ogen omdat daar onvermijdelijk maandagochtend op volgt. Geen zin, geen goesting, geen fut.

Zwaar teleurgesteld.

h1

2013

31 december 2013

Ik heb in 2013 erg, erg weinig geschreven.

2013 was nochtans een woelig jaar. Met grote hoogtes en diepe dalen. Over veel dingen heb ik niet geschreven. Het internet is ook zo _groot_, mijnheer, en je weet nooit wie er allemaal meeleest. Of net wel, en is dat het probleem. Ik weet ook niet meer zo goed waarom ik het nog doe, schrijven. Ik heb andere plaatsen waar ik met mijn verdriet en vreugde terecht kan. Misschien is dat ook een beetje het probleem.

Toch neem ik me voor om enkele van die bovengenoemde hoogtes en diepe dalen hier neer te schreven. Ik maak er geen goed voornemen voor 2014 van, want dan is het meteen weer van moeten, en ik moet niet graag. Ik moest in 2013 al zo veel. 2014 wordt een jaar van mogen en ontdekken voor mij.

 

h1

Het leven post-PhD

8 december 2013

Jullie hebben een update te goed.

Er is maar één reden voor de veel te lange radiostilte: ik geniet met volle teugen van het leven. Alles is mooier, alles is leuker, alles smaakt beter en alles ruikt beter nu mijn Grote Persoonlijke Trauma voorgoed achter mij ligt. Een trauma was het zeker – ik schrijf er later nog wel eens over –  en ik heb gemerkt dat er maar één remedie is om dat trauma te verwerken: het zo snel mogelijk vergeten.

Over de dag zelf schrijf ik later ook nog wel eens, maar nu alvast een update van het leven Post-PhD.

* Lekker eten om de PhD te vieren. Een aantal keer lekker eten om de PhD te vieren! Van high-end (een zalig goed tweesterrenrestaurant met de ouders en schoonouders), tot erg goedkoop (een klein gezellig restaurantje met mijn lief alleen waar we op onszelf klonken) tot nogmaals high-end met vrienden. Omdat het mag.

* een weekendje weg. Slapen in een bruidssuite, gewoon, omdat we het verdienden (we als in ik en mijn lief, die minstens even hard heeft afgezien als mij tijdens de laatste zware maanden).

* Kaartjes, veel kaartjes, van vrienden en familie. Veel gelukwensen, van iedereen. Een feestje, met vrienden en familie. Met veel lachen en een paar traantjes van geluk.

* Desperate housewives (ik had een lijstje opgesteld ‘wat ik wil doen na mijn PhD’ – en een Desperate Housewives marathon stond er tussen. The Killing is de volgende. Hoe zalig is het om op een zondagmiddag niets te moeten doen en alles wat je wilt te mogen.)

*Tijd met mijn lief doorbengen.

*Balletjes in de Ikea. Rondslenteren door ‘t stad. Mijn ouders opzoeken. Mijn schoonouders opzoeken. Boeken lezen. Naar de film. Fietsen. Onze kelder samen kunnen afwerken. Thee gaan drinken. Shoppen. Alles op’t gemak en zonder haast noch schuldgevoel.

* Vliegticketten boeken voor onze volgende reis die er sneller zal zijn dan we beseffen: Januari, Florida. De eerste reis waarop ik niet minstens één keer in paniek wakker zal schieten ‘s nachts met het besef dat ik, eens terug thuis, weer achter mijn bureautje moet kruipen. Ik kijk er zo zo naar uit.

h1

Duimt u even mee

22 september 2013

Ik zie de seizoenen passeren door het dakraam. De lange lange winter die maar bleef duren, de chauffage die tikte en de vele tassen koffie die mij omringden. Ik las artikels, schreef de laatste woorden aan mijn thesis manuscript en antwoordde op vragen van de thesis advisory committee. En plots was toen die warmte dan daar. Zo warm dat ik regelmatig water op mezelf verstoof en ramen vooraan en achteraan openzette in de hoop dat een zeldzame bries mij wat verkoeling kon bezorgen. De koffie werd vervangen door grote glazen water met ijsblokjes in. Ik las nog meer artikels en liet mijn thesis printen (60 exemplaren + 15 gecorrigeerde exemplaren). Tijdens het lezen van het zoveelste artikel moet daar plots de herfst het land binnen gestrompeld zijn, want ik keek op en ik zag dat het regende, het water kletste tegen mijn dakraam. De chauffage werd voor de eerste keer weer opgezet en toen ik het getik van de buizen hoorde besefte ik pas echt dat ik hier al drie seizoenen zit, achter mijn bureautje, in een wanhopige poging om dit doctoraat tot een goed einde te brengen.

Als u mij later vraagt wat ik mij herinner van die mooie zomer van 2013, kan ik slechts twee momenten voor de geest halen: een heerlijke namiddag en zomeravond doorgebracht met een handvol vrienden in Antwerpen, van de gelato factory tot de burgerij tot de zomer van antwerpen (wat heb ik toen genoten!) en de trouw van de nicht van mijn lief. Daarbuiten zijn er enkel de vele eenzame uren die ik naast mijn full-time job doorbracht achter mijn bureautje, omringd door stapels en stapels papier.

Ik hoop dat het het allemaal waard geweest is. Het moet het allemaal waard zijn.

Eind volgende week is het zover. Op dit moment kan ik nog steeds niet geloven dat hier inderdaad een einde aan zal komen. Eerst zien en dan geloven.

Maar toch: duimt u ondertussen even mee.

h1

Over kaalkoppen en thesissen

25 augustus 2013

Overdag probeer ik er wakker en geconcentreerd uit te zien op mijn werk. Tegenwoordig gaat dat vooral gepaard met koude douches ‘s ochtends, veel deo & een zomers parfum en een aantal laagjes make-up en liters koffie.

‘s Avonds gooi ik alle make-up eraf, stap ik in m’n joggingbroek en een gemakkelijk T-shirt en zit ik nog een aantal uren achter mijn bureautje.

Ik ben verward en vergeet dingen. Ik ben er met m’n hoofd niet meer bij. Ik ben aan teveel dingen tegelijk aan het denken – piekeren – waardoor ik niet meer fatsoenlijk kan focussen op één iets tegelijk. Daar waar het in het begin nog grappig was (ik die overenthousiast zwaaide naar iemand van wie ik dacht dat het mijn broer was – maar hij was het niet) tot al iets-minder-grappig-in-het-begin-maar-dan-toch-nog-hard-gelachen (ik die per ongeluk mijn liefs hoofd  kaal schoor ipv op stand 12mm van het opzetstuk) tot kei-hard-beginnen-huilen-niets-grappigs-aan (ik die in mijn thesis zie dat er een hele grote Word-auto-opmaak-blunder in staat. Terwijl de 65 gedrukte exemplaren net naast mij lagen te blinken).

Dat van mijn liefs kale hoofd was ècht per ongeluk (ook al gelooft niet iedereen mij) en de tranen prikten in mijn ogen maar dat was vooral van het verschieten en van het lachen (mijn lief ziét er overigens niet uit met een kaal hoofd – hij kon zo in een brochure voor Kom Op Tegen Kanker). Zijn eerste reactie was ‘nu moet ik met een muts gaan werken!’ maar 35°C was toch net iets te warm voor een eerste hipsterpoging. We hebben nog even gedacht om de kale ‘race-strook’ die ik oorspronkelijk geschoren had te spiegelen aan de andere kant van het hoofd, maar dan toch maar besloten om ineens voor de korte pijn te gaan en alles af te scheren.

Dat van mijn thesis was echter huilen met grote snikken en vele vele tranen. Ik snap het dan ook niet. Ik kan er niet bij met mijn hoofd: zeker 6 keer nagelezen en het niet gezien hebben. Hoe kan zoiets mij – MIJ? – overkomen? Ik die zelfs met een meetlat na mat of alle paginanummers wel op de juiste plaats stonden. Ik ben ongelofelijk boos op mezelf en kan het mij moeilijk vergeven. Het komt wel in orde, het moét in orde komen, maar het is weer maar een druppel in de al overvolle emmer.

Nog een dikke maand…

 

h1

Over dromen en plannen

24 juli 2013

Ik modder maar wat aan precies, denk ik met momenten.

Ik had en heb grote plannen en dromen, maar hoe ouder ik word, hoe meer van die plannen dromen worden en hoe minder dromen plannen. Dat piekt, met momenten.

Maar met een af te betalen lening en een lief dat niet één maar een hele bakstenen muur in zijn maag heeft zitten en een vaste job waarbij iedereen geeuwt als ik probeer uit te leggen wat ik juist doe (ook al doe ik zelf mijn job super! graag!) worden sommige dingen moeilijk. Spijtig.

Ik merk dat als ik de plannen van sommige anderen aanhoor ik me een beetje schaam om te moeten antwoorden op de vraag ‘En jij? Wat doe jij nu?’.

Daardoor deed de kop koffie bij een vriend van vroeger die ik al heel lang niet meer gezien had zo’n deugd. ‘Ik ben eigenlijk best wel saai geworden’, zegt ie, ‘saai maar heel gelukkig’. Ik zuchtte opgelucht, plots bevrijd van de druk om het ook over mijn onbestaande supercoole en keispannende toekomstplannen te hebben. ‘Awel, idem dito’, zei ik; en we dronken zwijgend van onze weliswaar erg hippe iced cappuccino in een nog hippere nieuwe koffietent.

Ik heb nog wel wilde dromen en af en toe – in een onbezonnen moment, meestal met nog wat tranen in mijn ogen en een hik in de keel – zet ik nog een stap voorwaarts, maar of ik echt ga durven springen?

Ik ben er zelf eerlijk waar benieuwd naar.

h1

Maar hey

23 juli 2013

En ik mis je als je niet bij me bent. Hey, ik kan je zelfs al missen terwijl je nog wèl bij me bent, door gewoon te denken aan het moment dat je weer zal moeten vertrekken.

En ik kus je. Ik kus je als je naast me staat of naast me ligt. Hey, ik kus je zelfs als je niet naast me staat. Maar dat is zo’n belachelijk zicht.

En ik voel je. Ik voel je als je naast me slaapt. Je armen om mee heen, mijn benen verstrengeld om de jouwe. Hey, ik voel je zelfs als ik alleen in mijn bed lig. In mijn dromen. Maar in het echt is het zoveel leuker.

En ik babbel met je. Over vanalles en nog wat. Wanneer je er bent en luistert. Hey, ik babbel zelfs met je als je er niet bent. Maar het is zoveel leuker als ik een antwoord krijg.

Ik zie je graag. 5 jaar geleden werden we verliefd. En sindsdien werden we alleen maar verderliefd.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 32 andere volgers